Je hebt twee dingen die vaak door elkaar gehaald worden. Ten eerste je wettelijke bescherming, en die heb je altijd: bij een bouwwerk blijft je aannemer aansprakelijk voor gebreken die bij de oplevering niet zijn ontdekt, tenzij ze hem niet zijn toe te rekenen, en voor jou als particulier kan daar in het contract niet van worden afgeweken (art. 7:758 lid 4 BW). Meld een gebrek zodra je het ontdekt; vanaf dat protest heb je twee jaar om naar de rechter te stappen, met een uiterste grens van twintig jaar na oplevering (art. 7:761 BW). Ten tweede kan er een garantieregeling zijn, zoals Woningborg, SWK of Bouwgarant. Die geldt alleen als jouw aannemer erbij is aangesloten en jij een certificaat hebt, en regelt vooral hoe herstel geregeld wordt en wat er gebeurt als de aannemer failliet gaat. Termijnen van vijf, zes of tien jaar die je op internet leest komen daarvandaan, niet uit de wet.
Dit staat in het Burgerlijk Wetboek en geldt altijd, ook als er niets over garantie in je offerte staat.
Regelingen als Woningborg, SWK en Bouwgarant zijn geen wet maar een afspraak. Ze gelden alleen als jouw aannemer erbij is aangesloten én jij een certificaat hebt gekregen. Wat ze vooral toevoegen is zekerheid over de uitvoering: een vaste herstelprocedure, een loket om naartoe te gaan, en in de meeste gevallen een regeling voor het geval je aannemer failliet gaat. Dat laatste is het verschil dat telt, want tegen een failliete aannemer heb je aan de wet weinig.
Loopt het echt vast, dan staat de volledige escalatieladder inclusief ingebrekestelling en Geschillencommissie op problemen met je aannemer. Is je aannemer failliet, dan loopt de route heel anders en telt je certificaat zwaarder dan de wet: zie aannemer failliet.
Ja. De aansprakelijkheid uit het Burgerlijk Wetboek geldt van rechtswege; daar hoeft niets over in je offerte of contract te staan. Sterker: bij een bouwwerk kan er voor een particuliere opdrachtgever in het contract niet van worden afgeweken (art. 7:758 lid 4 BW). Wat er wél in het contract kan staan, is een garantieregeling die daar bovenop komt.
Een gebrek dat je bij de oplevering redelijkerwijs niet kon zien. Een lekkage die pas na een natte herfst opduikt, een vloer die na een half jaar gaat kraken, isolatie die niet blijkt te zitten waar hij hoort. Voor gebreken die je op de opleverdag wél had kunnen opmerken, is de aannemer juist ontslagen van aansprakelijkheid (art. 7:758 lid 3 BW). Daarom is de oplevering zelf zo belangrijk.
De wet werkt niet met een vaste meldtermijn in jaren, maar met twee andere grenzen. Vanaf het moment dat je hebt geprotesteerd, verjaart je vordering na twee jaar. En hoe dan ook verjaart hij twintig jaar na de oplevering bij een bouwwerk, tien jaar in andere gevallen (art. 7:761 BW). Meld dus meteen, en laat het daarna niet jaren liggen.
Nee, en dat is meestal ook niet slim. De volgorde is: schriftelijk melden, hersteltermijn geven, in gebreke stellen, en dan pas de Geschillencommissie of de rechter. Elke stap die je overslaat, is een argument voor de tegenpartij. Het volledige stappenplan bij een conflict staat op de pagina over problemen met je aannemer.
Dan is de wettelijke aansprakelijkheid in de praktijk weinig waard, want er is niemand meer om op aan te spreken. Dit is precies waar een garantieregeling het verschil maakt: die neemt afbouw of herstel over. Ben je niet aangesloten, dan resteert een vordering in het faillissement, en die levert zelden veel op. Het is dus vooral een reden om vooraf te kijken met wie je in zee gaat.