Jaarmutaties juni 2026 ten opzichte van een jaar eerder. Bron: CBS-inputprijsindex bouwkosten nieuwbouwwoningen.
Heb je een bedrag uit een ouder jaar, bijvoorbeeld uit een offerte, een begroting of een contract? Reken het hier om naar een ander jaar.
€40.000 in 2020 is in 2026 ongeveer
€53.520
+33,8% (+€13.520)
Het grote bedrag is de totaalindex. Bestaat jouw post vooral uit arbeid of juist uit materiaal, neem dan die kolom: de twee liepen sinds 2020 flink uiteen en wisselden onderweg wie er harder steeg.
De bouwkosten stijgen in 2026 over de hele linie. De inputprijsindex voor nieuwbouwwoningen staat in juni 2026 5,0% hoger dan een jaar eerder: arbeid +5,4%, materiaal +4,6%. Sinds 2020 is bouwen daarmee 33,8% duurder geworden, en anders dan vaak gedacht steeg materiaal (+38,3%) over die hele periode harder dan arbeid (+29,3%). De laatste twee jaar is dat beeld gekanteld: de CAO-verhogingen stuwen nu vooral de loonkosten (4,0% per 1 januari 2026), terwijl de materiaalprijzen per groep sterk uiteenlopen, van licht dalend staal tot koper dat ruim 20% duurder werd.
"Wachten op lagere prijzen heeft weinig zin: arbeid en materiaal stijgen allebei. Wat wel werkt is per materiaal kijken, want de verschillen zijn groot: staal en bakstenen zijn vlak, koper en kunststof kozijnen stijgen hard."
- Ritchel Akwali, data-analist en bouwer van VerbouwStart
Onderstaande tabel toont de CBS-inputprijsindex voor nieuwbouwwoningen, herrekend naar 2020 = 100. De laatste rij is het lopende jaar: het gemiddelde van januari tot en met juni 2026.
| Jaar | Arbeid | Materiaal | Totaal | Stijging t.o.v. 2020 |
|---|---|---|---|---|
| 2020 | 100.0 | 100.0 | 100.0 | - |
| 2021 | 101.2 | 107.5 | 104.4 | +4.4% |
| 2022 | 104.1 | 123.7 | 114.0 | +14.0% |
| 2023 | 108.8 | 131.9 | 120.5 | +20.5% |
| 2024 | 116.1 | 131.1 | 123.7 | +23.7% |
| 2025 | 123.1 | 133.2 | 128.2 | +28.2% |
| 2026 | 129.3 | 138.3 | 133.8 | +33.8% |
Er bestaan meerdere bouwkostenindexen naast elkaar, en ze geven verschillende getallen. Welke je nodig hebt, hangt af van waarvoor je hem gebruikt.
| Index | Wat het is | Waarvoor |
|---|---|---|
| BDB | Bureau Documentatie Bouwwezen. Maandelijkse inputindex met basis januari 2003, per categorie: woningbouw nieuwbouw en onderhoud, kantoren, scholen, GWW. | Loon- en prijsstijging in aannemingscontracten. Staat er een BDB-clausule in jouw contract, dan is dat het cijfer dat telt, en niet het mijne. |
| CBS | Officiële statistiek: inputprijsindex bouwmaterialen en de prijsindex nieuwbouwwoningen. Gratis en openbaar. | De onderliggende materiaalcijfers. Ik gebruik ze zelf als bron. |
| Deze pagina | De CBS-inputprijsindex voor nieuwbouwwoningen, herrekend naar basis 2020 en maandelijks bijgewerkt, met de CAO Bouw en Infra als duiding bij de loonkosten. | Een oud bedrag omrekenen naar vandaag, en zien of een prijsstijging in een offerte in de buurt van de markt ligt. |
De CAO Bouw & Infra 2026 is ingegaan per 1 januari 2026. De belangrijkste verandering: een loonsverhoging van 4,0% voor alle bouwvakkers in loondienst. Dit werkt direct door in de offertes die jij ontvangt.
Bij een verbouwing van €50.000 is ca. 45% arbeid (€22.500). De CAO-verhoging van 4,0% maakt dit €900 duurder.
Extra kosten door CAO: €900
Arbeids-intensieve ingrepen voelen dit het sterkst: een draagmuur verwijderen kosten berekening bevat bijvoorbeeld 60-70% arbeid (constructeur, stempelen, plaatsen balk).
Reken het na: €23,78 bruto (functiegroep E) plus 45% werkgeverslasten en pensioen is €34,48 loonkosten per gewerkt uur. Het all-in tarief van €70,00 is inclusief 21% btw, dus €57,85 exclusief btw. Het verschil van €23,37 (68%) is overhead, niet-declarabele uren (reistijd, offertes, verlof) en winst. Die opslag staat niet in de CAO: ik ijk hem op marktgemiddelden met peildatum april 2026, dezelfde tarieven waarmee de calculator rekent (€60 tot €80 per uur, afhankelijk van het vak).
Niet alle bouwmaterialen bewegen dezelfde kant op: koper en kunststof kozijnen stijgen hard, terwijl staal en bakstenen vlak zijn tot licht goedkoper. Hieronder de jaarmutatie per materiaalgroep uit de CBS-producentenprijzenindex, juni 2026 ten opzichte van een jaar eerder.
| Materiaal | Jaarmutatie | Meting |
|---|---|---|
| Koper | +24,9% | invoerprijs |
| Kunststof kozijnen en bouwdelen | +11,6% | afzetprijs binnenland |
| Constructiehout (gezaagd en geschaafd) | +8,0% | afzetprijs binnenland |
| Cement | +7,4% | invoerprijs |
| Isolatie- en veiligheidsglas (bewerkt vlakglas) | +4,2% | afzetprijs binnenland |
| Keramische tegels en plavuizen | +3,6% | invoerprijs |
| Verf en vernis | +1,9% | afzetprijs binnenland |
| Stortklaar beton | +0,9% | afzetprijs binnenland |
| Bakstenen en gebakken-klei-producten | -0,6% | afzetprijs binnenland |
| IJzer en staal | -0,8% | afzetprijs binnenland |
| Keramisch sanitair | -1,8% | invoerprijs |
Cement, tegels, koper en sanitair publiceert CBS alleen als invoerprijs; de overige regels zijn binnenlandse afzetprijzen. Bron: CBS producentenprijzenindex (PPI).
De cijfers hierboven meten wat bouwen kost. Deze index meet wat Nederland van plan is: elke afgeronde berekening op VerbouwStart telt anoniem mee (geen namen, geen adressen, bedragen afgerond op honderd euro). Van juli 2026 tot en met augustus 2026 zijn dat 107 doorgerekende verbouwplannen.
De badkamer is met 39% van de plannen de meest doorgerekende verbouwing, met een mediaan gepland budget van €12.400, oftewel €2.000 per m². Over alle plannen heen ligt het mediane geplande budget op €18.200.
| Verbouwing | Aandeel van de plannen | Mediaan gepland budget | Per m² |
|---|---|---|---|
| Badkamer | 39% (n=42) | €12.400 | €2.000 |
| Aanbouw | 28% (n=30) | €56.700 | €3.300 |
| Keuken | 18% (n=19) | nog te weinig metingen | · |
| Zolder | 8% (n=9) | nog te weinig metingen | · |
| Verduurzaming | 5% (n=5) | nog te weinig metingen | · |
| Overige klussen | 2% (n=2) | nog te weinig metingen | · |
De totale bouwkosten zijn in 2026 (t/m juni 2026) ongeveer 33,8% hoger dan in 2020. Materiaal steeg over die hele periode het hardst (+38,3%), arbeid +29,3%; de laatste twee jaar stijgen juist de loonkosten het snelst. Bron: CBS-inputprijsindex nieuwbouwwoningen.
De CAO Bouw & Infra 2026 verhoogde het bruto uurloon met 4,0%. Voor een gemiddelde verbouwing van €50.000 betekent dit circa €900 extra kosten.
Nee, gemiddeld niet: de materiaalcomponent staat in juni 2026 +4,6% ten opzichte van een jaar eerder. Wel lopen de groepen sterk uiteen, van vlak staal en bakstenen tot hard stijgend koper; de tabel hierboven toont de actuele jaarmutatie per materiaalgroep.
Wachten maakt een verbouwing meestal niet goedkoper: arbeid stijgt elk jaar door de CAO en ook de materiaalprijzen stijgen gemiddeld weer. Wie scherp wil inkopen kijkt per materiaal, want de verschillen tussen groepen zijn groot.
Het gemiddelde all-in tarief is €70,00 per uur inclusief btw. De opbouw per gewerkt uur: bruto CAO-loon €23,78 (functiegroep E), plus 45% werkgeverslasten en pensioen is €34,48 loonkosten voor het bedrijf, plus €23,37 overhead, niet-declarabele uren en winst (68% van de loonkosten) is €57,85 exclusief btw, plus 21% btw is €70,00. De garantielonen lopen van €18,95 (functiegroep A) tot €23,78 (functiegroep E).
De cijfers komen rechtstreeks uit de CBS-inputprijsindex bouwkosten voor nieuwbouwwoningen (maandelijks, herrekend naar 2020 = 100), aangevuld met de CBS-producentenprijzenindex per materiaalgroep en de officiële CAO-loontabellen als duiding. Peildatum van de huidige cijfers: juni 2026; ik herijk bij elke CBS-publicatie.
Ja. In de Randstad liggen de uurlonen 8-15% hoger door schaarste aan vakmensen. Materiaalprijzen zijn landelijk gelijk, maar transportkosten kunnen regionaal variëren.
Ja, tot 10-20% op materiaalkosten. Maar let op: sommige aannemers geven geen garantie op materialen die zij niet zelf hebben ingekocht. Bespreek dit vooraf.
Wil je weten wat deze trends betekenen voor jouw specifieke project?
Start Gratis Project Berekening →