Er bestaat geen vast percentage dat voor elke verbouwing klopt; het gangbare advies loopt uiteen van 5 tot 20 procent en is nergens op gebaseerd. Reken de buffer per kostenpost: werk dat pas na openleggen zijn echte omvang toont (sloop, bestaand leidingwerk, elektra in bestaande wanden) kan flink uitlopen, terwijl nieuw materiaal uit de winkel nauwelijks verrast. Doorgerekend met die methode is de risicobuffer voor een gemiddelde badkamer, 6 tot 7 m² ongeveer €1.100 (8 procent van het verwachte bedrag), voor een gemiddelde keuken, 4 meter kasten €1.500 (8 procent), voor een zolder van 25 m² met schuin dak €1.000 (6 procent) en voor een aanbouw van 16 tot 20 m², standaard afgewerkt €9.000 (17 procent). Bij een woning van voor 1994 kan er meer bij komen door asbest, loden leidingen of verouderde elektra. Zet de buffer apart en geef hem niet vooraf uit.
VerbouwStart-rekenmotor, standaardniveau, landelijk (regionale index 1,0). De buffer is de som van de onzekerheidsklassen per kostenpost; zie de methodologie-pagina.
Het verschil tussen die percentages is geen toeval. Bij een zolder of slaapkamer bestaat het werk vooral uit nieuw materiaal en afwerking; dat verrast zelden. Bij een badkamer zit het geld in sloopwerk, leidingwerk en werken op bestaande ondergronden, en bij een aanbouw komen grondwerk en de aansluiting op de bestaande gevel erbij. Wil je weten waar het risico bij jouw project zit, dan toont de calculator dat per post, met per risicopost wat je er vooraf aan doet.
Elke kostenpost in de berekening draagt een onzekerheidsklasse: laag (plus 5 procent) voor nieuw materiaal uit de winkel, middel (plus 12 procent) voor werk op bestaande ondergronden zoals tegelzetten en montage, en hoog (plus 25 procent) voor posten die pas na openleggen hun echte omvang tonen: sloopwerk, bestaand leidingwerk, elektra in bestaande wanden, stucwerk op oude wanden en funderingswerk. De buffer van jouw project is de optelsom van die ruimte, dus hij verschilt per project. De volledige methode, inclusief de vergelijking met de internationale ramingsstandaard AACE 18R-97, staat op de methodologie-pagina.
Twee wettelijke grenzen beschermen je tegen ongecontroleerd uitlopen. Een richtprijs mag met niet meer dan 10 procent worden overschreden, tenzij de aannemer je zo tijdig mogelijk voor een verdere overschrijding heeft gewaarschuwd, zodat je het werk nog kon beperken of vereenvoudigen (Burgerlijk Wetboek, artikel 7:752 lid 2). En meerwerk mag alleen in rekening worden gebracht als de aannemer tijdig op de noodzaak van een prijsverhoging heeft gewezen, tenzij je die noodzaak zelf had moeten begrijpen (artikel 7:755); van die regel kan niet in jouw nadeel worden afgeweken. Ga daarom nooit mondeling akkoord met meerwerk; een appje of mailtje is al genoeg.
Bron: geconsolideerde wettekst van Burgerlijk Wetboek Boek 7, gecontroleerd in de BWB-wettenbank van de overheid op 12 augustus 2026.
De tabel hierboven is een gemiddelde. Jouw buffer hangt af van je maten, keuzes en werkzaamheden.
Bereken je verbouwing en zie je eigen risicopostenUit dezelfde rekenmotor als de calculator op deze site. Elke kostenpost draagt een onzekerheidsklasse (laag 5, middel 12, hoog 25 procent) op basis van hoe afhankelijk de post is van wat de vakman aantreft; de buffer is de som van die ruimte per post. De methode staat volledig uitgelegd op de methodologie-pagina, inclusief de vergelijking met de internationale ramingsstandaard AACE 18R-97.
Omdat de onzekerheid niet in het totaal zit maar in specifieke posten. Een slaapkamer met een nieuwe vloer en verf heeft nauwelijks onvoorziene kosten; een badkamer met sloopwerk en bestaand leidingwerk heeft er veel meer. Een vast percentage is voor de een te ruim en voor de ander vals-geruststellend.
Een stelpost is een vooraf afgesproken reservering in de offerte voor een onderdeel waarvan de prijs nog niet vaststaat, bijvoorbeeld tegels die je nog moet uitzoeken. Onvoorziene kosten zijn tegenvallers die niemand had ingecalculeerd. Spreek voor onzekere posten een stelpost af, dan wordt een deel van het onvoorziene gewoon een afspraak.
Nee. Een richtprijs mag volgens de wet (Burgerlijk Wetboek, artikel 7:752) met maximaal 10 procent worden overschreden, tenzij de aannemer je tijdig heeft gewaarschuwd zodat je het werk nog kon beperken of vereenvoudigen. En meerwerk mag alleen in rekening worden gebracht als de aannemer tijdig op de prijsverhoging heeft gewezen (artikel 7:755); daar kan niet ten nadele van jou van worden afgeweken.